woensdag 2 september 2015


Gedichten op deze blog zijn

mijn geesteskinderen.

Wilt U reageren: g.span1@tele2.nl


 
KROM RECHT
 
Zomaar gedetineerd
Zomaar in het gevang
Als een crimineel
Het wordt Reintje de Vos
Allemaal te veel

Alles wat hij heeft gedaan
Is politie-vrouwe Beer knock-out slaan
Toen ze hem betrapte
Als ie het tasje van vrouwe Egel gapte

Tegen meneer de rechter
( ook al zo’n eikel )
Die hem een  flinke straf oplegde
Ging Reintje de Vos flink tekeer

Geachte Edelbare
’t is voor jou een makke
Om mij effe te pakke
Zou maar liever lette
Op de witte-boorden crimineel
Maar daarvan zijn er vast te veel
A’k mijn tijd heb uitgezete
Dan zal die politie-trut het wete
Ze mot vooral niet denke
Da’k haar vergiffenis zal schenke
Nee, van m’n verlore tijd
Krijgt dat mens nog dikke spijt

De edelachtbare
De griffier
En ook de officier
Zijn doen het er maar mee
En nuttigen vóór de volgende zaak
Samen gezellig een kopje thee

 
 

 

 
KLEINE EN GROTE HOND
 
Kleine Teckel en Grote Retriever
Gingen samen gezellig naar de stad
Wandelend door pleinen en straten
Hielden ze elkaar goed in de gaten

Mensen die aan het winkelen waren
Zagen de kleine en de grote hond
Netjes keffend en blaffend
Teckel met zijn kleine,
Retriever met zijn grote mond

Plots zag Teckel in een klein straatje
Een leuk cafeetje staan
Hij zei tegen Retriever
Zullen we naar binnen gaan
Ik heb best trek in een wit wijntje
En jij lust vast zo’n lekkere borrel
Van het merk “ Everzwijntje "22”

Ze zaten twee uurtjes aan de bar
Waren straal bezopen
Konden nauwelijks op hun benen staan
Konden nog maar moeIlijk lopen
Ze namen een taxi naar huis
Kropen samen in hun mand
Sliepen urenlang hun roesjes uit
Voelden zich daarna weer “ honden van stand “
 
Moraal van deze gebeurtenis
Kleine Teckel en Grote Retriever
Drink met mate
Dan raak je niet dronken
En niet onfatsoenlijk beschonken
 
 

 

zaterdag 29 augustus 2015


Koninklijke Parkietjes 

Twee parkietjes woonden als echtpaar in een gouden kooi
Koningin Maxima was hun lieve meesteres 
Dat vonden de parkietjes bijzonder mooi
Ze moesten van haar vele woordjes leren
Iedere dag wel tien tot twintig keren
 
De parkietjes deden flink hun best
En om het Maxima naar haar zin te maken
Oefenden ze de geleerde woordjes de gehele dag
Ja, zelfs ’s avonds en  tot diep in de nacht
  
Na een lange tijd, een jaar of twee
Hielden de parkietjes het voorgoed voor gehoord , och ja
Zij hadden helemaal geen zin meer
In die woordjes van Koningin Maxima
 
De parkietjes bedachten toen iets listigs
En zongen uit volle borst
 
   Wilhelmus van Nassouwe
        Ben ick van Duytschen Bloedt
           Den Vaderland ghetrouwe
              Blijf ick tot inden doet  
 
Haar man Koning Willem-Alexander vond dat geweldig mooi
Met zijn kinderen, de prinsessen Catharina-Amalia, Alexia en Ariane
Stond hij dagelijks bij de gouden kooi

En Koningin Maxima?
Zij moest er echt van lijden
Dat haar parkietjes
De met zo veel moeite geleerde woordjes niet meer zeiden

Maar na een korte tijd van gewenning vond ook Maxima het mooi 
Samen met haar man Alex en hun drie kinderen genoot zij oprecht
Van de “ Wilhelmus “  zingende parkietjes in hun  gouden kooi

 

vrijdag 1 februari 2013



OVER  LEVEN  EN  DOOD



Leven en Dood
 
Strijden op leven en dood
 
Voor hun leven of dood


Leven wil niet dood
 
Dood wil niet leven


Leven vreest na zijn dood de hel
 
Dood vreest na zijn leven de hemel


Voor Leven zal de hel de dood zijn
 
Voor Dood zal de hemel leven zijn


Leven en Dood wegen
 
Leven en Dood wikken


Maar over hun lot
 
Zal alleen God beschikken




zaterdag 29 december 2012




LEVEN EN DOOD



LEVEN

Het is stil

Het wordt minder stil

Stilleven

Leven



DOOD

Het wordt stil

Stiller

Doodstil

Dood




zondag 23 december 2012

                          
 
VERDRIET
 

Het heengaan van een geliefde
Droef verdriet
 
Maar de dood heeft niet het laatste woord
De liefde overwint en zal uitbundig zegevieren

Wie liefdevol omarmde en in warmte omarmd werd
Laat een gevoel van leegte achter


Maar...
Zij... of hij...
Is onvergetelijk, onherroepelijk
Blijft onlosmakelijk verbonden aan het leven

Haar of zijn naam blijft bestaan
s' Mens openbaringen leven door in onze harten

In Gods eeuwigheid


 



LEVEN EN GETIJDEN

In de lente van je leven
Klopt jouw hart in een bruisend pril beginnen
De wereld biedt een keur van kansen
Het getij om te beminnen

In de zomer van je leven
Koesteren warmte en licht  jouw hart
Het getij van zon en sterren
Blijheid... vreugde...  soms ook smart

In de herfst van je leven
Jouw hart overziet wat het leven met je deed
Het getij met onverwachte wendingen
Liefde... verdriet... herinneringen... leed

In de winter van je leven
Kabbelt 't hart nog rustig mee
Het getij, rillerig en bibberig
Onstuimig als de zee


En dan
Getijden zijn geen getijden meer
Het leven wacht een nieuw
 Begin

Plussen... minnen... geven... nemen
Leven en getijden hebben
                      Zin                       


               

dinsdag 24 november 2009




Eitje

Een ei is met of zonder
Met haan is ie met
Zonder haan is ie zonder
Hoe het ook zij
Met of zonder
Het ei blijft een wonder





Koeienkabaal

Een stel koeien staat te loeien
Terwijl een tweede stel koeien
Nog harder loeien
Dan de koeien die al loeien
Het eerste stel koeien
Gaat nog harder loeien
Want ze willen niet
Dat het tweede stel koeien
Nog harder loeien
Dan ze zelf al loeien
Zo komt het dat koeien
Al loeiend hun kostbare tijd verknoeien




Geslachtelijk

Een wesp en een bij
Vliegen zij aan zij
Vraagt de wesp de bij
Ben jij een hij of ben jij een zij
Zegt de bij
Ik ben een hij
Maar voel me een zij
Zegt de wesp
Ik ben een zij
Maar voel me een hij
Nu houdt de wesp van de bij
En de bij van haar net als zij
Zo vliegen wesp en de bij
Nog blijer dan blij
Voor altijd
Zij aan zij





Dromedeel...... of kameeliaris

Een dromedarisman
Vraagt een kamelenvrouw
Wil je met me trouwen
En een beetje van me houwen

’’Och, waarom niet’’, antwoordt vrouw kameel spontaan
Laten we snel naar het stadhuis gaan
In bezit van hun fel begeerde boterbrief
Hebben ze elkander hevig lief

Twee jonkies worden geboren
Eén met liefst vier bulten
De ander met vier oren
De dromedarisman en de kamelenvrouw
Zijn buitengewoon voldaan
Dát hebben ze effe goed gedaan !

Maar och, die kleine koters
Die zijn toch echt niet blij
Met die bultige ouders en hun fel gevrij
Nu zijn ze nóch kameel nóch dromedaris
En moeten door het leven als dromedeel...... of kameeliaris

 

woensdag 18 februari 2009



Vogelvrij

Ganzen vliegen in een ´V´
Zwanen sierlijk, trouw getwee

Meeuwen zweven in een grote schare
Het roodborstje gewoon alleen
Da’s een hele rare

Mussen vliegen voor de lol
Getjilp, gekwetter…….. horenddol

Duiven cirkelen in een dichte groep
Laat het regenen, duivenpoep

Uilen houden overdag de wacht
Jagen doen zij in de duis´tre nacht

De frater groet in snelle vlucht
Het dobb´rend nonnetje, met diepe zucht

De koekoek vliegt van oost naar west
Legt z'n ei in andervogels nest

Merels vliegen kwetterend rond
Doen zo van hun broedsheid kond

Zwaluwen plukken in staccatovlucht
Hun natje, droogje uit de lucht

Spreeuwen vliegen onwijs snel
En in d´onwijsheid ook ontzettend fel

En kippen, kippen vliegen niet
Zij fladderen, tot hun eigen diep verdriet

Ze scheren met hun veren kont
Maar enk´le centimeters over de schrale grond

Zo fladdert, zweeft of scheert de vogel
Ieder op zijn of haar manier

De één als krant, de ander als een kogel
Maar vliegen doen zij allen, met het allergrootst plezier


zaterdag 8 november 2008



Carnaval

’t Is weer carnaval
Zingen, joelen, prinsenbal
Alle dieren stromen uit nest of hol
Gaan met z’n allen uit de bol
Verkleed als clown of indiaan
Als bisschop Muskens of schilder Mondriaan
Ze hossen door de straten
Zijn vandaag de dikste maten
Genieten van bier, wijn, vruchtensap
Verdringen elkander aan de pilsnertap

Rosenmontag
Dag van prachtig versierde karren
Dag van Prinsen, raad van elf en zotte narren
Dag van fraai verklede dieren en feestmuziek
Vergeten al het leed, vergeten de tragiek

Dolle Dinsdag
Laatste dolle dag
Alles kan en alles mag

Alweer Aswoensdag
Gezegend met het assig kruisje
Voor bier en haring komen ze uit hun huisje

Dan gewoon weer donderdag
Verdwenen de gulle schaterlach
Terug in d’alledaagse sleur
Terug naar de vale, grijze kleur
De één vindt zijn diep geluk
De ander beleeft zijn ergste strop
Maar natuur blijft natuur
En dus eten ze elkaar gewoon weer op



vrijdag 25 juli 2008

Klik op het gedicht om te vergroten.


zondag 6 april 2008




ANNO 2008

Ze wonen al heel wat jaartjes saam
Klaas en Katrijntje Kraai
Zorgen voor elkander
In hun huisje aan de kaai
Gekraakt en altijd aan het lekken
Maar dat kan Klaas en Katrijntje
niks verrekken

Dicht bij die kaai is ook een koffieshop
Daar houdt Klaas zich iedere avond op
Hij gebruikt XTC, blowt wiet
En voelt zich daarbij ‘n hele piet

Katrijntje die heeft andere zinnen
Gaat ied’re avond naar de kroeg
Zuipt zich helemaal lazarus
Voor haar is het nooit genoeg

Ze strompelen, diep in de nacht
Naar hun huisje aan de kaai
Hij stoned, zij straalbezopen
Berooid, verdwaasd
En compleet verlopen

Dan samen in hun lits-jumeaux
Ieder aan zijn eigen kant
Geen geknuffel, niet gekust
De lusten zijn totaal geblust

Hun slaap wordt vroeg verstoord
Hebben ze de bel wel goed gehoord?
Ze kruipen uit hun lits-jumeaux
Trillend als het riet
Katrijn nog helemaal lazarus
Klaas nog steeds een hele piet

De deurwaarder roept, duidelijk en luid
In naam der Koningin
Neem ik uw spullen in beslag
En zet u óók uw huisje uit.

Klaas, Katrijntje zijn nu zwervers, zonder dak
Slapen buiten in een jutezak
Dromen van alcohol, XTC en wiet
Van God, die ziet hun diep verdriet

Ze dromen van majoor Bosshardt
Die hun ziel wil komen redden
Hen steunt met mooie, nieuwe latexbedden
Voor hun oude huisje aan de kaai
Lekker dicht bij kroeg en koffieshop
In hun dromen kan de lol niet op

En als zij dan ontwaken
Uit die mooie droom
Moet Klaas eerst kotsen, Katrijntje braken
Wat voelen ze zich sloom

Nee, dat aanzien is niet fraai
En ook verdwenen
dat eigen huisje aan de kaai,
Geen brood, geen thee, geen lekker ei
Jezus Christus, wat een klote-maatschappij !




zondag 30 maart 2008



 
Broeds

Kip Truus zei tegen vriendin Hint
Ik verlang zo naar een kind
Maar helaas, ik heb geen ei

Och zei Hint spontaan
Dan neem je er toch een van mij

Hint begon meteen te perse
En legde een mooie witte verse

Kip Truus nam het ei dankbaar
onder haar hoede
En begon het met liefde te bebroede

Korte tijd erna kondigde zich een kuikendochter aan
De geboorte was voorspoedig gegaan

Hint sprak.. Truus, als je nog
een zoontje wil
Dan geef je maar een gil
Er is niks zo fijn
Als draagmoeder te zijn
Je hoeft het ei niet uit te broeden
En die blagen ook niet op te voeden


zondag 24 februari 2008



Piepklein leed


Piepkleine muisjes
en
Piepkleine luisjes
wonen
samen
in
Piepkleine huisjes

De
Piepkleine muisjes
maken
Piepkleinere muisjes
De
Piepkleine luisjes
maken
Piepkleinere luisjes

De
Piepkleine luisjes
en de
Piepkleinere luisjes
krijgen mot
met de
Piepkleine muisjes
en de
Piepkleinere muisjes

De
Piepkleine luisjes
met de
Piepkleinere luisjes
En de
Piepkleine muisjes
met de
Piepkleinere muisjes
Willen ieder
hun éigen
Piepkleine huisjes

Nu wonen
alle
Piepkleine muisjes
met
Piepkleinere muisjes
En alle
Piepkleine luisjes
met
Piepkleinere luisjes
In
hun
felbegeerde
éigen
Piepkleine
huisjes



dinsdag 19 februari 2008



Gemengd Huwelijk

Een haas en 'n konijn
Wilden samen echtpaar zijn

Ze huurden een grote zaal
En vierden hun bruiloft met pracht en praal

Na hun huwelijksnacht
Had het konijntje nagedacht

M'n beste haas, vroeg ze
Hoe zal ons kindje zijn ?

Och lief, zei de haas
Dat wordt gewoon een hazenijn




Wel lust

Een haan zei
tegen zijn kip

Ik heb zin
in een lekkere wip

Och mijn haantje
zei de kip
Ik vind dat ook heel fijn
Maar dan moet je wel
zacht en teder zijn

Want zonder liefdesgevoel
Dient een wip geen enkel doel


zondag 3 februari 2008



Elegantie

In een lange rij van kooie
Wonen diertjes, hele mooie

Hun buikjes zijn blond
Hun vachtjes van bont


Uit hun kooitjes bevrijd
Hoop, die hun hartjes verblijd


Dan een stroomstoot
De diertjes zijn....
dood

Een madam trekt met elan
Haar nieuwe nertsmantel an

Zij paradeert trots
door de stad


Die beestjes ?
Och.... die kunnen haar wat !



zaterdag 19 januari 2008



Lekker naar het strand

Drie bere-kids gaan met pa en moe
Op een zomerse dag
Naar het strand van Maliboe
Vroeg uit de veren
Snel in de kleren
´t Otootje staat al kaar
Starten en rijden maar

Op de autoweg
is het een drukte van belang
Ze belanden in een kilometerslange file
Met wel honderdduizend wiele


Maar dan……
Na duisternis volgt immers licht
Komt het strand dan toch in zicht
Even een plaatsje voor ´t otootje zoeke
Kijk daar pa, een vrij plekkie
Roept de enthousiaste moeke

Opgewekt stappen ze

over hoofden, buiken, benen
Het doet wel pijn, dat hete zand tussen de tenen
Maar eindelijk, na al die vermoeiende tijden
Ziet pa kans het strandlaken uit te spreiden

Nu mag de zon hun wangen kussen
En voor een wijle de daagse zorgen sussen
Maar al na een paar luttele uurtjes
dient de tijd van vertrek zich aan
Want ook huiswaarts is het file staan

Thuisgekomen gaan de kids
Uitgeput en moe
meteen naar hun bedje toe
Pa en moe ploffen in hun luie stoel
Met nog suizen in de oren... van 't strandgejoel



vrijdag 18 januari 2008


Vriendschap

Een kat en 'n muis
Woonden samen in een huis

Ze konden het best goed vinden
Waren echte dikke vrinden

Maar op een dag
Brak er oorlog uit
Er was niets meer te eten
De kat heeft toen zomaar
Z’n vrindje opgegeten

Zo gaat het vaak in oorlogsdagen
Door honger en een dorstige keel
Blijft er van vriendschap

Bitter weinig heel



Piertjesfeest

Een stel jonge pieren
Gingen een verjaardag vieren

Er was veel drank en lekker eten
en tot de vroege ochtendstond
Dronken en aten ze hun buikjes rond

Toen stopte een jongeling
z'n naam was Beer
de dronken piertjes in een potje
Om te gaan vissen in ' t meer
' t Ene na ' t andere visje sloeg ie aan de haak
Elke minuut was het wel raak

Pieren, pieren denk toch na
Voor je aan het feesten ga
Al dat gezuip, al dat ge-eet
Veroorzaakt alleen maar leed



Gemold

Een paartje lieve mollen
Is aan ’t dollen

Het gras wijkt opzij
Weer een hoopje zand erbij

Plots…. wordt hun spel verstoord
Manlief wordt pardoes vermoord

Aan een mooi grasveld is te wijten
Dat vrouw mol haar leven
Nu alleen zal moeten slijten



woensdag 16 januari 2008




Goddeloos

25 December luidt Pastoor de Leeuw
de klokken
Om alle dieren ter kerke te lokken
Aan alles is gedacht
Het kerkblaadje rondgebracht

Kaarsen, wierook, de kribbe en het Kind
Brood en Wijn in overvloed
Blijmoedig denkt Pastoor de Leeuw
Zo is het goed !

Het zangkoor heeft volop gerepeteerd
De misdienaars zijn geïnstrueerd

Koster Bever zwaait blijmoedig
de kerkdeuren open
En met plechtige bede
vraagt hij de gelovigen
Het Godshuis te betrede

Het koor zet in
’ Stille Nacht, Heilige Nacht '
De gelovigen zingen
' Alles slaapt, sluimert zacht '
Ze voelen zich met God verbonden
Belijden gezamenlijk hun zonden
Delen samen Brood en Wijn
Alsof z'elkaars familie zijn

Pastoor de Leeuw spreekt de zegen uit
Amen.... klinkt het duidelijk en luid
Na de dienst schudt Pastoor de Leeuw
ingenomen en devoot
Al zijn dierbaren hartelijk de poot
Hij wenst hen ’ Zalig Kerstfeest '
Tot ziens, zeggen de dieren,
ietwat bedeesd

In het nieuwe jaar luidt de herder opnieuw de klokken
Om zijn schaapjes wederom
ter kerke te lokken
Maar na een stille pose kijkt hij heel verdrietig om zich heen
Hij is....
moederziel alleen




Karin

Bedroefd sta ik aan haar graf
En zeg kalm
God heeft een goede smaak
Hij nam het neusje van de zalm





Niet sterk, maar slim

Een panter ontmoet
Een mager zwijn
Goeie middag, zegt ze
Ben jij aan de lijn ?

Het zwijntje vertrouwt het niet
Ze speurt gevaar
En denkt
Dat enge beest
Maakt me tot kaviaar

Ze moet iets verzinnen ....
Gelukkig schiet haar iets te binnen
Vlug jokt ze .. Och beste panter
dat mager zijn
Komt niet van 't lijnen
Maar van de medicijnen
Ik heb 't syndroom
Van slankie-slankie- room

De domme panter heeft plots
geen honger meer
En zucht....
tot de volgende keer maar weer
En met haar lenige benen
Is ze snel in 't woud verdwenen

Het slimme zwijntje roept haar na
Doe je vrouw de groeten
En gaat vrolijk door met wroeten


dinsdag 15 januari 2008



Verlangen naar de zomer

Wat is het lang geleden
Dat het zomer was
Ik de vogels hoorde zingen
De kind’ren speelden in het gras

Wat is het lang geleden
Dat de dauw de ochtend gloorde
Ik de web zag van een spin
Het zachte gezoem van bijen hoorde

Wat is het lang geleden
Dat de stilte de avond vulde
Ik de muggen zag dansen in het licht
De merel met zijn zang mijn oor vergulde

Wat is het lang geleden
Dat de warme zon aan de hemel stond
De bomen zich sierden met miljoenen bladen

Ik in de natuur mijn rust hervond



(Dit gedicht heeft Dorieke Kuipers geïnspireerd een vierstemmig lied te componeren dat bij een aantal koren op het repertoire staat. Publicatie van dit gedicht vond plaats in de REMOVOS kunstagenda Mond- en Voetschilders van het jaar 2007)




Lief toch !

Er was eens een ratje
Jaloers op een katje
Om haar miauwen en spinnen

Maar het katje zei:
Jij bent goed in zwemmen en graven

Zo heeft ieder z’n gave

Ratte- of kattesnuit
Dat maakt echt niks uit